Navigatie

U bent hier: Home / Ontspanning / Toerisme / Plombières Toerisme / Ontdekken / Het erfoed / Het Viaduct van Moresnet
Document acties

Het viaduct van Moresnet

Het Viaduct van Moresnet

Het viaduct van Moresnet, een van de langste viaducten van de Belgische spoorlijn, deel van de lijn 24 (Tongeren-Visé-Aken), verbindt de haven van Antwerpen met het industriële bekken van het Ruhrgebied (Duitsland). De constructie ervan werd bevolen door de Duitse bezetting tijdens de Eerste Wereldoorlog.

Al in 1834 wilde de Belgische staat de Antwerpse haven verbinden met de ontluikende industrieën van het Ruhrgebied. Na vele discussies tussen België en Pruisen, werd op 15 augustus 1903 een conventie ondertekend. Deze conventie voorzag de oprichting van een nieuwe spoorlijn Leuven-Sint-Truiden-Tongeren-Visé-Welkenraedt met uitbreiding in Pruisen via Aken. Toen de oorlog in 1914 uitbrak, was het werk nog steeds niet begonnen. De Duitsers, geleid door luitenant-kolonel Wilhelm Gröner, besloten op 18 december 1914 de aanleg van lijn 24 (Tongeren-Visé-Montzen-Moresnet-Botzelaer grenstunnel in Gemmenich) en het viaduct van Moresnet te beginnen om aan de logistieke behoeften van hun leger te voldoen. De werken van civiele techniek begonnen in april 1915.

De plannen zijn getekend door de Duitse firma "MAN Gustavburg" (nabij Mainz). Deze laatste koos voor een stalen en betonnen constructie die eenvoudig en snel moest worden gebouwd met ongeschoolde arbeidskrachten. Deze constructie werd gebouwd door duizenden Belgische, Duitse, Italiaanse, Hongaarse en Kroatische arbeiders (+ - 14.000) en talloze Russische die gevangen zaten in de Duitse kampen. Deze gevangenen, ver van hun thuisland, overleefde in pijnlijke omstandigheden (onvoldoende voedsel, slechte hygiënische toestand, ...); de meest handige van hen maakten kleine kunstvoorwerpen met lege patronen en granaathulzen die ze discreet ruilden met de inwoners voor een beetje voedsel of tabak. Sommige van deze objecten zijn nog steeds in handen van sommige families. Negen van hen stierven in onbekende omstandigheden; ze rusten op het kerkhof van Moresnet en hun graven worden onderhouden door de gemeente.

Historici zijn het erover eens dat de hoofdstructuur van het viaduct in 7 maanden tijd is gebouwd: van april tot oktober 1916. Het absorbeerde 50.000 m³ beton, 6.000 ton ijzer en 250.000 klinknagels die ter plaatse werden vervaardigd. De gehele lijn 24 werd op 18 februari 1917 in gebruik genomen. Het viaduct werd op 3 maart 1918 « Generaal Groener Brücke » genoemd.

Het 1107 meter lange viaduct met een hoogte van 23 tot 58 meter, kijkt uit over het Geuldal. Het bestaat uit 22 stalen dubbelsporige metalen brugdelen met elk een gewicht van ongeveer 300 ton, een lengte van 48 meter en een hoogte van 8 meter. Elk brugdek bestaat uit een staalconstructieverbinding, ondersteund door verticale en schuine ijzeren steunbalken. Elk frame is 7,50 meter hoog en 4,50 meter breed.

Het viaduct heeft 2 landhoofden, 5 steunpijlers en 16 gewone pijlers uit stampbeton. Alle brugdelen rusten op rolopleggingen om horizontale krachten parallel aan de sporen te voorkomen en laten uitzetting toe als gevolg van temperatuurveranderingen. Het viaduct maakt een bocht met een straal van 1.600 meter op 350 meter aan de kant Aken die hem een Germaanse stempel geeft.

Na de Wapenstilstand van 11 november 1918, keerde het viaduct intact terug aan België als een oorlogsherstel. De lijn werd geïntegreerd in het Belgische spoornetwerk en geregistreerd lijn 24. Lijn 24 wordt dan de belangrijkste verbindingsroute tussen de haven van Antwerpen en Duitsland voor het goederen vervoer.

Op 10 mei 1940 bliezen de "Cyclistes Bardes-frontière" (grenswacht fietsers) gelegerd in Hombourg de pijlers 14 en 19 op die enkele maanden eerder al werden ontgonnen door het Belgische leger. De Duitsers haastten zich om het onbruikbare viaduct opnieuw te bouwen en op 16 december 1940 kwamen de treinen er weer overheen.

Op 10 september 1944 trokken de Duitsers zich terug en ontploften een deel van het viaduct om de Amerikaanse opmars te vertragen, 11 van de 22 pijlers vielen.

Toen de oorlog voorbij was, duurde de reconstructie bijna vijf jaar. Het viaduct is weer functioneel op 2 oktober 1949. De landhoofden en de steunpijlers worden gerestaureerd door de firma Blaton-Aubert uit Brussel en de brugdelen van de firma Baume en Marpent uit Haine-Saint-Pierre.

In 2000 droeg de sectie Montzen-Aken van lijn 24 ongeveer 70% van het vrachtverkeer van de haven van Antwerpen naar Duitsland. In de afgelopen jaren heeft corrosie de metalen onderdelen aangevallen en er wordt besloten de pijlers te versterken en de brugdelen te vervangen. De snelheid is beperkt tot 20 km / h en de maximale belasting was beperkt tot 22,5 ton per as. De werkzaamheden begonnen in 2002 en eindigden in 2004 (de snelheid werd verhoogd tot 60 km en de maximale belasting verhoogd tot 25 ton per as). De elektrificatie vindt in 2008 plaats.

Tegenwoordig wordt het viaduct dagelijks gebruikt door nd 80 tot 100 goederentreinen vooral 's nachts.

En septembre 2016, les 100 ans du viaduc furent fêtés en grande pompe par le Royal comité des fêtes de Moresnet, Espace Culture, la commune de Plombières et Infrabel en proposant notamment un énorme feu d’artifice, des conférences, un concert, une pièce de théâtre, des expositions.

Le viaduc de Moresnet, un monument titanesque et un témoin incontournable de notre Histoire.

In september 2016 werden de 100 jaar van het viaduct door het Royal comité des fêtes van Moresnet, Espace Culture, de gemeente Plombières en Infrabel herdacht met veel pracht en praal, door o.a .een groot vuurwerk, conferenties, een concert, een toneelstuk, tentoonstellingen.

Het viaduct van Moresnet, een gigantisch monument en onvermijdelijke getuige van onze Geschiedenis.